USB is met de jaren steeds sneller geworden. Wie in 1996 een USB-snoertje verbond, kon bestanden met 1,5 megabit per seconde verplaatsen, met USB 3.2 was dat in 2017 ineens maar liefst 20.000 megabit. Het nog snellere USB4 belooft sinds 2019 nog hogere snelheden van 40.000 megabit, oftewel 40 gigabit. In de praktijk betekent het dat je iedere seconde 3 gigabyte kunt verplaatsen.

NOTE

Dit artikel verscheen eerder op NU.nl.

Althans, als je apparatuur USB4 ondersteunt: hoewel de standaard al in 2019 werd onthuld, beginnen we nu pas de eerste echte apparaten te zien die hiervan gebruikmaken. “Een tijd geleden waren er al een ‘soort van’ USB4-drives, maar die gebruikten stiekem een andere standaard”, vertelt expert Willem de Moor van techsite Tweakers.

Een externe schijf met USB4 kan veel sneller bestanden verplaatsen van en naar bijvoorbeeld je laptop. De Moor benadrukt dat dit vooral van toepassing is op externe Solid State Drives, oftewel SSD’s. “Externe harde schijven zijn bij uitstek heel erg traag.”

Vooral handig bij grote bestanden

Zo’n snelle externe SSD is volgens De Moor vooral interessant voor bijvoorbeeld videomakers. “Die moeten vaak grote videobestanden tussen verschillende apparaten uitwisselen, of veelgebruikte bestanden in hoge resolutie opslaan. Dat moet dan op een extern apparaat, want bijvoorbeeld een MacBook heeft maar beperkt ruimte beschikbaar.”

Belangrijk is wel dat naast jouw schijf ook je computer USB4 ondersteunt. “De meeste laptops hebben deze ondersteuning wel aan boord, en daar werken deze USB4-SSD’s op volle snelheid mee.” Bij desktopcomputers is dat lastiger: dan moet je een moederbord hebben dat specifiek USB4-snelheden ondersteunt.

Goede manier om apparatuur te ‘futureproofen’

Voldoe je aan alle vereisten, dan is een USB4-schijf volgens De Moor een goede manier om je apparatuur te ‘futureproofen’. Je bent er dan zeker van dat je altijd de hoogste snelheid gebruikt, ongeacht waar je de schijf mee verbindt.

“Bedenk wel dat je er nu nog flink meer voor betaalt”, waarschuwt hij. Een van de schijven die De Moor recent testte kost 170 euro voor 1 terabyte of 280 euro voor 2 terabyte. “Als ‘early adopter’ betaal je altijd meer. Maar omdat USB4 minder onderdelen vereist, zullen de schijven op termijn waarschijnlijk goedkoper worden dan langzamere alternatieven.”